Eerste Graaf van Loonstraat 6a – 5921 JC – BLERICK

Na mijn bestuursperiode zocht ik naar nieuwe werkterreinen. Een daarvan was het Hodoscentrum in Roermond. Daarna raakte ik verzeild bij een kookgroep voor jongeren met een beperking op de”Witte Steen in Venlo.


In het Hodoscentrum, Roermond was ik 5 jaar als vrijwilligster werkzaam in de keuken. Het Hodoscentrum was opgericht voor ex-gedetineerde jongeren. Met hen verzorgde ik de inkoop, verzamelde de gekweekte groenten in de tuin en bereidde met een of 2 jongeren de maaltijden voor de groep, meestal zo’n 10 personen. Toen in 1999 dit centrum werd opgeheven werd ik onverwachts geconfronteerd met een nieuw uitdaging.
Komend van het station Venlo liep ik langs een woning op de Tegelse weg met een groot plakkaat voor het raam. Ik zag die poster en liep er aan voorbij. Tien passen verder werd ik nieuwsgierig naar wat er eigenlijk opstond en liep terug. De Witte Steen, waar zo’n 40 jongeren wonen met een beperking, vraagt vrijwilligers voor verschillende activiteiten. Niets voor mij dacht ik en liep weer door. Enkele weken later kwam ik er weer langs en bleef staan om te zien wat mij daarin zo aantrok. Een van de activiteiten was hulp bieden bij een kookgroep. Ik noteerde het telefoonnummer en nam contact op. Na een kennismaking en een week proeflopen in verschillende kookgroepen, was ik niet meer te temmen en meldde me als vrijwilligster voor de keuken. Ik doe dit nu al 13 jaar met plezier. De groep is in al die jaren wisselend van samenstelling geweest, zodat ik meerdere jongeren leerde kennen. Was de gemiddelde leeftijd in de beginjaren rond de 30 dan is die nu met 10 jaren gestegen. In de beginperiode beschikte de Witte Steen over een eigen rolstoelbus en zo was de groep 2 keer te gast voor een feestmaaltijd in ons huis

Wat gebeurt er binnen zo’n groep? Weken van tevoren worden menu’s verzameld door de keuze die ieder mag maken. Het eerste uur is het groenten snijden en vlees voorwerken op en met aangepast materiaal, alleen toekijken mag ook. Eentje heeft de zorg op zich genomen het groenteafval naar de “Beestenboel” , dierenverblijf, nabij het terrein te brengen. Rond 11 uur komt de drankwagen binnen en wordt er tijd genomen voor een warme drank en gezellig onderonsje. Wie enigszins kan is daarna bij de kookbron aanwezig om behulpzaam te zijn, toe te zien wat er gebeurt of om te proeven of de maaltijd zo op tafel kan. Anderen houden zich bezig met het openen van verpakking, de afwas, geven aanwijzingen voor het maken van een slasaus en het gebruik van kruiden. Zo voelt ieder zich betrokken met het gebeuren in de kookruimte. Intussen is de tafel gedekt en kan het eten worden opgeschept. Tijdens de maaltijd worden de laatste nieuwtjes uitgewisseld, gelachen en hulp geboden bij de onderlinge communicatie. Voor mij blijft het telkens een interessant en soms moeizaam gebeuren om te weten te komen wat er bedoeld en gezegd wordt.
Deze kookgroep is een wekelijks terugkomende bezigheid, waar ik met plezier naar toe ga. Ik ondervind tevens dat dat wederkerig is. Ik hoop er nog een tijd mee door te kunnen gaan. Leeftijd speelt hierbij nauwelijks een rol.